8
januari
1962

Treinramp Harmelen

Grootste treinramp uit de Nederlandse geschiedenis

© Fotograaf ANP Historisch Archief

De grootste ramp in de Nederlandse treingeschiedenis. 93 mensen komen om en er raken er 52 gewond. De sneltrein (Leeuwarden-Roterdam) en de stoptrein (Rotterdam-Gouda-Amsterdam) komen, in dichte mist, frontaal met elkaar in botsing op een gelijkvloerse wissel bij Harmelen.

Bron: Nu&toen

21
december
1961

Generale repetitie kerstspel

Generale repetitie kerstspel

© Fotograaf onbekend

De generale repetitie op 21 december 1961 in het Paleis op de Dam voor het kerstspel van M. Nijhoff ‘De Ster van Bethlehem’. Hier de prinsessen Irene, Beatrix (met houten kruis) en Margriet in actie. De rol van Jozef wordt gespeeld door Basil Wilbrennink.

Bron: gahetNA

12
december
1961

Robert Jasper Grootveld bekladt tabaksreclame

Robert Jasper Grootveld bekladt tabaksreclame

© Ben van Meerendonk / AHF, collectie IISG, Amsterdam

Provo Robert Jasper Grootveld bekladt tabaksreclame.

Bron: Nu&toen

9
december
1961

Eichmann schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden tegen menselijkheid

adolf-eichmann

© Onbekend

Op 9 december 1961 wordt in Israël nazikopstuk Adolf Eichmann schuldig bevonden aan oorlogsmisdaden tegen de menselijkheid in de tweede wereldoorlog en veroordeeld tot de doodstraf. Eichmann was al voor de tweede wereldoorlog als Zionisme-expert in Berlijn actief om het ‘Jodenvraagstuk’ op te lossen. Na de Anschluss van Oostenrijk in 1938 was hij verantwoordelijk voor de gewongen immigratie van 15.00 joodse mensen naar het Britse mandaatgebied Palestina. In de tweede wereldoorlog zorgde Eichman voor de infrastructuur benodigd om 6 miljoen mensen te doden. Na de ondergang van het naziregime vluchtte Eichman en had hij zich schuilgehouden in Argentinië voordat hij door de Oostenrijkse nazi-jager Simon Wiesenthal werd ontdekt en door de Iraëlische geheime dienst Mossad naar Iraël werd ontvoerd. Eichman wordt op 1 juni 1962, enige minuten na middernacht, opgehangen. Zijn lichaam wordt gecremeerd.

Bron: Vandaag in de geschiedenis

7
december
1961

Emmy Verhey debuteert met het Frysk Orkest

Op woensdag 7 december 1961, debuteerde violiste Emmy Verhey op 12-jarige leeftijd met het Frysk Orkest in Leeuwarden waarmee zij de Havanaise van Saint-Saëns uitvoerde.

In de vijftig jaren daarna concerteerde ze met de groten der aarde, met musici als Yehudi Menuhin, Igor Oirstrach, Misha Maisky, Antonio Menessen, Youri Egorov, Maria Joäo Pires en Janos Starker en soleerde onder dirigenten als Marriner, Jansons, Chailly, Haitink, De Waart, Fournet, Benzi, Entremont, en Spanjaard. Ze heeft meer dan vijftig plaat- en cd-opnames op haar naam staan.

Nog steeds is Emmy Verhey een gedreven en gepassioneerd musicienne, haar spel is in de loop der jaren meer verdiept en intenser geworden.

Bron: De magie van de kamer muziek

1
december
1961

De Morgenster wappert in Hollandia

de-morgenster

© Onbekend

Nooit waren de Papoea’s dichter bij onafhankelijkheid dan op 1 december 1961, de dag dat in de Nederlandse kolonie Nieuw-Guinea voor het eerst de Papoea-vlag werd gehesen en het Papoea-volkslied werd gespeeld. Voor de Papoea’s is sindsdien 1 december hun ‘nationale dag’. Het is de dag waarop zij, formeel, als volk soevereiniteit verkregen (wat nog iets anders is dan onafhankelijkheid). Met een beroep precies hierop claimen de huidige Papoea-leiders, 39 jaar later, dat zij alsnog het recht hebben zich af te scheiden van Indonesië.

De 800000 Papoea’s in de toenmalige kolonie hadden in 1961 goede hoop dat ze binnen een decennium onafhankelijk zouden worden. Nederland was druk bezig zijn modelkolonie daarvoor klaar te stomen. In 1961 hadden de Papoea’s vast een eigen ‘parlement’ gekregen: de Nieuw-Guinea raad. Al op de eerste zitting besloot dat parlement dat de Papoea’s een eigen vlag nodig hadden, een wapen en een volkslied. Binnen een maand waren de ontwerpen gereed: een rood-wit-blauw doek met daarop een ster. ‘Nederlandse kleuren, als dank voor haar bescherming van het Papoea-volk in moeilijke tijden. In het midden de Morgenster, van de hoop’, lichtte de ontwerper, Papoea-leider Nicolaas Jouwe vol trots toe.

De officiële ceremonie vond 1 december 1961 plaats in Hollandia, de hoofdstad van de kolonie. Eerst werd de Nederlandse vlag gehesen, terwijl de militaire kapel het Wilhelmus blies. Daarna ging de ‘Morgenster’ de lucht in, en zongen de Papoea’s voor het eerst hun Hai Tanahku Papua. Het eerste couplet klonk nog uit volle borst. ‘Gegroet mijn Papoealand, mijn geboortegrond. Ik zal van je houden, mijn leven lang.’

Al bij het tweede couplet raakten veel Papoea-leiders overmand door emoties, zingen lukte niet meer.

Het waren inderdaad moeilijke tijden. Nederland stond onder groeiende druk om ook zijn laatste kolonie in Azië af te staan aan de jonge republiek Indonesië. President Soekarno vond dat zijn republiek recht had op álle voormalige Nederlandse koloniën. Vooral de Verenigde Staten waren bereid hem toe te geven.

De Papoea’s voelden niets voor aansluiting bij de republiek Indonesië. Zij waren als enigen in de kolonie in 1945 buiten de onafhankelijkheiddstrijd gebleven. Etnologisch voelen de Papoea’s zich niet verwant met hun Aziatische westerburen, maar met hun Melanesische oosterburen.

In 1961 heerste al een gespannen sfeer in de kolonie. Nederland had militaire schermutselingen achter de rug met geïnfiltreerde Indonesische militairen. Toch konden de Papoea’s tijdens de feestelijke vlagceremonie in Hollandia nauwelijks vermoeden dat ‘hun’ land al binnen een jaar zou worden overgedragen aan Indonesië.

Op 15 augustus 1962 sloot Nederland met Indonesië het ‘Verdrag van New York’. Het verdrag kwam tot stand na bemiddeling van de VN. De kolonie Nieuw-Guinea zou op 1 oktober 1962 tijdelijk worden overgedragen aan de Verenigde Naties, om per mei 1963 onder Indonesisch bestuur te komen. Nederland was gezwicht voor de internationale, met name Amerikaanse druk om zijn laatste stuk ‘Indië’ af te staan de jonge republiek van Soekarno. Aan de Papoea’s werd wel beloofd dat zij in 1969 in een Act of Free Choice hun mening mochten geven over het besluit.

Al direct in 1963 verboden de Indonesiërs de Papoea-vlag en het Papoea-volkslied. Het referendum van 1969 werd door Indonesië handig georganiseerd: alleen de 1025 stamhoofden werden als ontwikkeld genoeg beschouwd om te mogen stemmen. De stamhoofden stemden voor aansluiting bij Indonesië. De VN erkenden de uitslag.

Na de val van president Soeharto mocht in de provincie de Morgenster weer wapperen. Vorig jaar vierden de Papoea’s met veel enthousiasme hun ‘nationale dag’. Dit jaar heeft de Indonesische regering echter verboden om de vlag te hijsen.

Bron: Trouw.nl, Tanahku West-Papua

30
november
1961

Kennedy geeft toestemming voor Cuba-project

Het Cuba-project (ook bekend onder de naam Operation Mongoose) is de algemene naam voor de geheime operaties van de CIA die zijn ontworpen gedurende de vroege regeerperiode van de Amerikaanse president John F. Kennedy op 30 november 1961. De president gaf toestemming voor agressieve geheime operaties tegen het communistische bewind van Fidel Castro in Cuba. De operatie stond onder leiding van luchtmacht-generaal Edward Lansdale en ontleende zijn bestaansrecht aan de mislukte Invasie in de Varkensbaai van april 1961.
De aan de Harvard-universiteit verbonden historicus Jorge Domínguez stelt dat het omverwerpen van het bewind van Fidel Castro de hoofddoelstelling vormde van de regering Kennedy. Daartoe werd Operatie Mongoose, een Amerikaans programma van sabotage en andere geheime operaties tegen het eiland, opgesteld.
Het uiteindelijke doel van het Cuba-project was “het ondersteunen van Cuba bij de omverwerping van het communistische regime”, met inbegrip van haar leider Fidel Castro, het aanzetten tot “een opstand in Cuba, die kan plaatsvinden in Cuba in oktober 1962″.
Amerikaanse beleidsmakers vonden het daarnaast wenselijk dat de nieuw te vormen regering een “nieuwe regering is waarmee de Verenigde Staten vreedzaam kunnen leven”.

Het Cuba-project (ook bekend onder de naam Operation Mongoose) is de algemene naam voor de geheime operaties van de CIA die zijn ontworpen gedurende de vroege regeerperiode van de Amerikaanse president John F. Kennedy op 30 november 1961. De president gaf toestemming voor agressieve geheime operaties tegen het communistische bewind van Fidel Castro in Cuba. De operatie stond onder leiding van luchtmacht-generaal Edward Lansdale en ontleende zijn bestaansrecht aan de mislukte Invasie in de Varkensbaai van april 1961.

De aan de Harvard-universiteit verbonden historicus Jorge Domínguez stelt dat het omverwerpen van het bewind van Fidel Castro de hoofddoelstelling vormde van de regering Kennedy. Daartoe werd Operatie Mongoose, een Amerikaans programma van sabotage en andere geheime operaties tegen het eiland, opgesteld.

Het uiteindelijke doel van het Cuba-project was “het ondersteunen van Cuba bij de omverwerping van het communistische regime”, met inbegrip van haar leider Fidel Castro, het aanzetten tot “een opstand in Cuba, die kan plaatsvinden in Cuba in oktober 1962″.

Amerikaanse beleidsmakers vonden het daarnaast wenselijk dat de nieuw te vormen regering een “nieuwe regering is waarmee de Verenigde Staten vreedzaam kunnen leven”.

Bron: Wikipedia

28
november
1961

Henk van der Meyden interviewt Ton Lensink

henk-van-der-meyden-interviewt-ton-lensink

© Ben van Meerendonk / AHF, collectie IISG, Amsterdam

TV-regisseur Ton Lensink wordt geïnterviewd door Henk van der Meyden (links).

Bron: Nu&toen

26
november
1961

NTS Journaal van 26 november 1961

Interviews met de ouders van Rene Wassing en met adjunct resident Boendermaker.

Bron: Geschiedenis 24

19
november
1961

Intocht Sinterklaas 1961

intocht-amsterdam-19-11-1961

© Onbekend

Op 19 november 1961 meerde de stoomboot van Sinterklaas af in Amsterdam. De rol van Sinterklaas werd vertolkt door Drs. J. Gajentaan.

Bron: EnSintClopedie