Berichten in de categorie 'Mens en maatschappij'

1
december
1961

De Morgenster wappert in Hollandia

de-morgenster

© Onbekend

Nooit waren de Papoea’s dichter bij onafhankelijkheid dan op 1 december 1961, de dag dat in de Nederlandse kolonie Nieuw-Guinea voor het eerst de Papoea-vlag werd gehesen en het Papoea-volkslied werd gespeeld. Voor de Papoea’s is sindsdien 1 december hun ‘nationale dag’. Het is de dag waarop zij, formeel, als volk soevereiniteit verkregen (wat nog iets anders is dan onafhankelijkheid). Met een beroep precies hierop claimen de huidige Papoea-leiders, 39 jaar later, dat zij alsnog het recht hebben zich af te scheiden van Indonesië.

De 800000 Papoea’s in de toenmalige kolonie hadden in 1961 goede hoop dat ze binnen een decennium onafhankelijk zouden worden. Nederland was druk bezig zijn modelkolonie daarvoor klaar te stomen. In 1961 hadden de Papoea’s vast een eigen ‘parlement’ gekregen: de Nieuw-Guinea raad. Al op de eerste zitting besloot dat parlement dat de Papoea’s een eigen vlag nodig hadden, een wapen en een volkslied. Binnen een maand waren de ontwerpen gereed: een rood-wit-blauw doek met daarop een ster. ‘Nederlandse kleuren, als dank voor haar bescherming van het Papoea-volk in moeilijke tijden. In het midden de Morgenster, van de hoop’, lichtte de ontwerper, Papoea-leider Nicolaas Jouwe vol trots toe.

De officiële ceremonie vond 1 december 1961 plaats in Hollandia, de hoofdstad van de kolonie. Eerst werd de Nederlandse vlag gehesen, terwijl de militaire kapel het Wilhelmus blies. Daarna ging de ‘Morgenster’ de lucht in, en zongen de Papoea’s voor het eerst hun Hai Tanahku Papua. Het eerste couplet klonk nog uit volle borst. ‘Gegroet mijn Papoealand, mijn geboortegrond. Ik zal van je houden, mijn leven lang.’

Al bij het tweede couplet raakten veel Papoea-leiders overmand door emoties, zingen lukte niet meer.

Het waren inderdaad moeilijke tijden. Nederland stond onder groeiende druk om ook zijn laatste kolonie in Azië af te staan aan de jonge republiek Indonesië. President Soekarno vond dat zijn republiek recht had op álle voormalige Nederlandse koloniën. Vooral de Verenigde Staten waren bereid hem toe te geven.

De Papoea’s voelden niets voor aansluiting bij de republiek Indonesië. Zij waren als enigen in de kolonie in 1945 buiten de onafhankelijkheiddstrijd gebleven. Etnologisch voelen de Papoea’s zich niet verwant met hun Aziatische westerburen, maar met hun Melanesische oosterburen.

In 1961 heerste al een gespannen sfeer in de kolonie. Nederland had militaire schermutselingen achter de rug met geïnfiltreerde Indonesische militairen. Toch konden de Papoea’s tijdens de feestelijke vlagceremonie in Hollandia nauwelijks vermoeden dat ‘hun’ land al binnen een jaar zou worden overgedragen aan Indonesië.

Op 15 augustus 1962 sloot Nederland met Indonesië het ‘Verdrag van New York’. Het verdrag kwam tot stand na bemiddeling van de VN. De kolonie Nieuw-Guinea zou op 1 oktober 1962 tijdelijk worden overgedragen aan de Verenigde Naties, om per mei 1963 onder Indonesisch bestuur te komen. Nederland was gezwicht voor de internationale, met name Amerikaanse druk om zijn laatste stuk ‘Indië’ af te staan de jonge republiek van Soekarno. Aan de Papoea’s werd wel beloofd dat zij in 1969 in een Act of Free Choice hun mening mochten geven over het besluit.

Al direct in 1963 verboden de Indonesiërs de Papoea-vlag en het Papoea-volkslied. Het referendum van 1969 werd door Indonesië handig georganiseerd: alleen de 1025 stamhoofden werden als ontwikkeld genoeg beschouwd om te mogen stemmen. De stamhoofden stemden voor aansluiting bij Indonesië. De VN erkenden de uitslag.

Na de val van president Soeharto mocht in de provincie de Morgenster weer wapperen. Vorig jaar vierden de Papoea’s met veel enthousiasme hun ‘nationale dag’. Dit jaar heeft de Indonesische regering echter verboden om de vlag te hijsen.

Bron: Trouw.nl, Tanahku West-Papua

30
november
1961

Kennedy geeft toestemming voor Cuba-project

Het Cuba-project (ook bekend onder de naam Operation Mongoose) is de algemene naam voor de geheime operaties van de CIA die zijn ontworpen gedurende de vroege regeerperiode van de Amerikaanse president John F. Kennedy op 30 november 1961. De president gaf toestemming voor agressieve geheime operaties tegen het communistische bewind van Fidel Castro in Cuba. De operatie stond onder leiding van luchtmacht-generaal Edward Lansdale en ontleende zijn bestaansrecht aan de mislukte Invasie in de Varkensbaai van april 1961.
De aan de Harvard-universiteit verbonden historicus Jorge Domínguez stelt dat het omverwerpen van het bewind van Fidel Castro de hoofddoelstelling vormde van de regering Kennedy. Daartoe werd Operatie Mongoose, een Amerikaans programma van sabotage en andere geheime operaties tegen het eiland, opgesteld.
Het uiteindelijke doel van het Cuba-project was “het ondersteunen van Cuba bij de omverwerping van het communistische regime”, met inbegrip van haar leider Fidel Castro, het aanzetten tot “een opstand in Cuba, die kan plaatsvinden in Cuba in oktober 1962″.
Amerikaanse beleidsmakers vonden het daarnaast wenselijk dat de nieuw te vormen regering een “nieuwe regering is waarmee de Verenigde Staten vreedzaam kunnen leven”.

Het Cuba-project (ook bekend onder de naam Operation Mongoose) is de algemene naam voor de geheime operaties van de CIA die zijn ontworpen gedurende de vroege regeerperiode van de Amerikaanse president John F. Kennedy op 30 november 1961. De president gaf toestemming voor agressieve geheime operaties tegen het communistische bewind van Fidel Castro in Cuba. De operatie stond onder leiding van luchtmacht-generaal Edward Lansdale en ontleende zijn bestaansrecht aan de mislukte Invasie in de Varkensbaai van april 1961.

De aan de Harvard-universiteit verbonden historicus Jorge Domínguez stelt dat het omverwerpen van het bewind van Fidel Castro de hoofddoelstelling vormde van de regering Kennedy. Daartoe werd Operatie Mongoose, een Amerikaans programma van sabotage en andere geheime operaties tegen het eiland, opgesteld.

Het uiteindelijke doel van het Cuba-project was “het ondersteunen van Cuba bij de omverwerping van het communistische regime”, met inbegrip van haar leider Fidel Castro, het aanzetten tot “een opstand in Cuba, die kan plaatsvinden in Cuba in oktober 1962″.

Amerikaanse beleidsmakers vonden het daarnaast wenselijk dat de nieuw te vormen regering een “nieuwe regering is waarmee de Verenigde Staten vreedzaam kunnen leven”.

Bron: Wikipedia

10
november
1961

Volksgericht in Staphorst

Op 10 november 1961 werd in Staphorst een vrouw uit haar huis gesleurd en op een kar gezet. Vervolgens werd een man uit een Meppels café gehaald om haar te vergezellen. ‘Overspel, overspel’, klonken de kreten van de toeschouwers. De Staphorsters sloegen met dit 14e-eeuwse gebruik twee vliegen in één klap. Zo drukten ze hun medegevoel uit voor de gedeprimeerden en tegelijkertijd werden twee ontrouwe echtgenoten gestraft én weer in ere hersteld. Voor de jongeren die het plan hadden beraamd betekende het gebeuren een afwisseling van het saaie provinciale bestaan. Maar buiten Staphorst werd woedend gereageerd: de ‘Staphorster affaire’. Men sprak over verval tot wetteloosheid dat leek op de ‘lynchings’ in het Amerikaanse Zuiden. Ook de buitenlandse pers bemoeide zich ermee. Door zowel de omvang als de inhoud van deze artikelen leek heel Nederland zo primitief als Staphorst. Het wordt betwist of deze praktijken alleen in Staphorst voorkwamen; men wijst op vergelijkbare gebeurtenissen in Limburg tijdens de jaren vijftig.

Bron: christelijkestartsite.nl

28
oktober
1961

Sovjettanks op sectorgrens Friedrichstrasse

sovjettanks-friedrichstrasse

© Onbekend

Sovjettanks op de sectorgrens in de Friedrichstrasse.

Bron: www.saak.nl

11
december
1960

Rijkspolitie begint met proef toezicht op verkeer

rijkspolitie

Het korps Rijkspolitie is een proef begonnen voor het toezicht op het verkeer: witte Porsche’s, uitgerust met mobilofoon en luidsprekersinstallaties. Op deze wijze hoopt men te voorkomen dat verkeersovertreders op de grote weg de politie te snel af kunnen zijn.

Bron: www.nuentoen.nl

16
november
1960

Nag luistert naar toespraak Enver Hoxha

Kameraad Nepal Nag, een van de oprichters van de Communistische Partij van Dhaka, was bij de internationale conferentie van Communistische Partijen in Moskou, november 1960, als vertegenwoordiger van Oost-Pakistan. De internationale communistische beweging raakte hier verdeeld in aanhangers van Moskou en Peking. Nepal Nag’s agenda is een ongepubliceerde bron over deze historische conferentie. Nag luisterde op 16 november 1960 naar een toespraak van de Albanese leider Enver Hoxha. Andere sprekers die hij noemt zijn Deng Xiaoping, Ho Chi Minh en Gomulka.

Bron: iisg.nl

1
november
1960

Oprichting 119e Afdeling Veldartillerie

Op 1 november 1960 werd, in navolging van de 109e Afdeling Veldartillerie, de 119e Afdeling Veldartillerie opgericht en voorzien van de Honest John, een niet-geleide raket met een kaliber van 762 mm en een bereik van 30 km.

In 1978 werd de inmiddels verouderde Honest John uitgefaseerd. Op 1 maart 1978 werd 119 Afdva mobilisabel gesteld en op 1 juli 1978 werd de afdeling opgeheven.

Bron: 41afdva.net

28
oktober
1960

Nederlandse leger neemt afscheid van La Courtine

Met een korte plechtigheid op vrijdagmiddag 28 oktober 1960 sloot de Koninklijke Landmacht een tweede jaarlijkse oefenperiode in de Franse legerplaats La Courtine af. In 1959 waren gedurende de zomermaanden eveneens 30.000 militairen in het Franse plaatsje gelegerd geweest.

De jaarlijkse toestroom van duizenden Nederlandse militairen betekende veel voor de circa duizend inwoners van La Courtine; met name de middenstand spon er garen bij. Voor veel Nederlandse jongens was het uitstapje naar Frankrijk een hele belevenis; omstreeks 1960 waren internationale reizen en buitenlandse vakanties nog allerminst gemeengoed.

De behuizing in het Franse legerkamp stemde met name in de eerste jaren minder vrolijk: het kamp was beroerd geoutilleerd en vaak ook nog uitermate smerig. Om de nood te lenigen zorgde de legerleiding voor een intensief wellfareprogramma. Vanaf 1960 trad in een grote circustent een keur van vaderlandse artiesten op.

De oefenperiode in 1960 was om nog een reden memorabel: in september en oktober zorgde zware en aanhoudende regen voor tal van overstromingen in Midden-Frankrijk. Nederlandse militairen maakten zich onder meer bij Aubusson en Tulle nuttig bij de bestrijding van de wateroverlast.

De Landmacht zou nog tot en met de zomer van 1964 La Courtine bevolken; daarna noopten onder meer de oplopende kosten en de lange reistijd de Nederlandse legerleiding uit te wijken naar oefenterreinen op de Noord-Duitse laagvlakte. De burgers van La Courtine zagen de Nederlanders met lede ogen vertrekken; in La Courtine werd het nooit meer zoals vroeger.

La Courtine, 28-10-1960

La Courtine, 28-10-1960

Bronnen:

Legerkoerier, december 1960, p. 4-7

geschiedenis.vpro.nl

vredesmissies.nl

lacourtine.com

19
oktober
1960

Alle export naar Cuba door Washington opgeheven

Al in de loop van 1959 werd duidelijk dat Castro van Cuba een socialistische staat wilde maken. Zelf premier, benoemde hij zijn broer Raul tot minister van Defensie. Nadat in juni 1959 een aantal hervormingen was geïnitieerd, verslechterden de betrekkingen met de Verenigde Staten snel, waarschijnlijk mede als gevolg van het feit dat in het nationalisatieprogramma van het nieuwe bewind ook enkele Amerikaanse investeringen in Cuba betrokken zouden worden.

Er begon een nieuwe crisis toen Russische petroleumtankers in Cuba arriveerden en de Amerikaanse raffinaderijen weigerden de olie te raffineren. Castro’s oplossing bestond erin om de raffinaderijen te nationaliseren. Washington reageerde op 6 juli door het beëindigen van het invoerquotum voor Cubaanse suiker. De belangrijkste markt sloot zich voor het belangrijkste Cubaanse economisch product. Daarop nationaliseerde Castro in augustus alle Amerikaans bezit in Cuba, waaronder de telefoon- en elektriciteitsmaatschappijen, twee nikkelmijnen en suikerraffinaderijen. Cuba sloeg terug door diplomatieke relaties aan te gaan met China en een oproep te lanceren aan alle Latijns-Amerikaanse landen de neokoloniale kettingen door te snijden. Washington sloeg nog eens terug met op 19 oktober 1960 alle export naar Cuba op te heffen, Cuba nationaliseerde vijf dagen later alle nog resterende Amerikaanse bezittingen.

Bron: infoyo.nl

11
augustus
1960

Tsjaad onafhankelijk van Frankrijk

Op 11 augustus 1960 werd Tsjaad een onafhankelijke republiek met Tombalbaye als eerste president. Noord- en Midden-Tsjaad bleven echter als Borkou-Ennedi-Tibesti Prefectuur (BET) tot 1965 onder Frans bestuur staan, hoewel de BET officieel wel bij de nieuwe republiek hoorde.

Bron: Wikipedia